Samenleven met huiszwaluwen

Een huiszwaluw bouwt zijn komvormig nest van bolletjes klei en modder, aan een huis. Ze hebben meer dan 500 bolletjes klei nodig en elk bolletje wordt apart opgehaald. Het nest wordt bijna helemaal dicht gemetseld. Alleen aan de voorkant blijft een klein gaatje open. Hierdoor vliegen ze naar binnen om het nest aan te kleden met veertjes en takjes en om de jongen te voeren.
Zwaluwen poepen niet in hun nest, zoals sommige andere vogels wel doen. Ze draaien zich om in het nest, hangen hun kontje buiten het nest en laten de poep vallen.
Ze poepen veel omdat ze echt heel veel insecten eten. Op het moment dat ze jongen hebben tot wel 50.000 insecten per week. Ze vangen deze insecten al vliegend. Daarmee helpen ze op een milieuvriendelijke manier mee aan het beperken van insecten (zoals muggen) overlast. Hoe handig is dat.
Soms ervaren bewoners overlast van huiszwaluwen, vooral door ontlasting. Toch is het belangrijk te weten dat huiszwaluwen tijdens het broedproces niet mogen worden verjaagd. Ze zijn beschermd en staan op de rode lijst. Een eenvoudige plank onder het nest kan al veel schelen. Zorg wel voor een kier tussen gevel en plank, zodat zwaluwen deze niet als nieuwe nestplek gebruiken.
Huiszwaluwen trekken in grote groepen tussen eind juli en oktober weg in zuidelijke tot zuidoostelijke richting, via Frankrijk en Italië naar tropisch Afrika. Tussen half april en juni keren zij terug, met een piek in mei. Vaak op het oude nest. Het is dus niet nodig om het weg te halen.
Heb jij een zwaluwnest aan je gevel hangen maar wil je geen hinder ondervinden van poep aan je gevel/vensterbank/stoep? Neem contact op met de Fûgelwacht Hurdegaryp via fugelwachthurdegaryp@outlook.com dan zoeken we samen met jou naar een oplossing.
Het beste advies? Geniet van hun aanwezigheid. Zwaluwen zijn een levend bewijs van biodiversiteit in je omgeving. Hun bedrijvigheid is een compliment voor je leefgebied.